fbpx

Training deze twee weken ging goed.

 

Week vier was de introductie van het tweede trainingsblok. Normaliter plan ik mijn training in blokken van vier weken, maar omdat ik dit keer met een deadline kamp, heb ik voor drie blokken van drie weken gekozen. 

 

Ik probeer bij het maken van een schema altijd de uitspraak ‘trim the fat’ in mijn hoofd te houden, zeker hoe dichter bij een wedstrijd je komt, hoe belangrijker dit wordt. Wat ik hiermee bedoel is dat ik zo min mogelijk wil doen met zo veel mogelijk resultaat. Niet per se

 omdat ik lui ben, dat oordeel mag iedereen lekker zelf vellen, maar omdat ik mijn energie alleen wil besteden aan dat wat belangrijk is. Natuurlijk, een zieke bicep pomp maakt mij heel blij, maar als het doel zo zwaar mogelijk squatten, benchen en deadliften is, dan zal daar het meerendeel van je tijd in moeten zitten.  

 

En dus heb ik mijzelf de uitdaging gegeven om maar vier oefeningen op een dag te doen. Dit is geen magisch nummer, die zijn er helaas niet. Ik wil vier keer per week bankdrukken, drie keer squatten en twee keer deadliften. Dat laat maar ruimte voor een paar andere oefeningen, als ik elke dag ook nog mijn rug wil trainen.

 

Week vier begon met grote winst: een 190 kg squat single (een set van een herhaling) vloog omhoog. Het daaropvolgende squat werk ging ook voorspoedig. Over het bankdrukken die dag was ik op zich niet ontevreden, alleen ontbrak de pauze in de 140 kg single. Gelukkig kreeg ik drie dagen later de kans om de 140 kg nog een keer te proberen, dit keer was ik zeer tevreden over de pauze.

 

Op dit moment van mijn training kom ik heel erg in de buurt van oude PR’s (persoonlijk record) en dus wordt de nervositeit die ik ervaar voor zware singles ook steeds meer. Precies daarom oefen ik zo vaak met zware singles, om weer een beetje eelt op m’n ziel te kweken. 

 

Zware gewichten zijn eng en zwaar en het voelen kut. En dat is precies wat er zo geweldig is aan zwaar tillen! Een gezegde in gewichthef-kringen is ‘the iron doesn’t lie’ en dat is waar. 100 kilo weegt altijd 100 kilo, de onzekere factor ben jijzelf. En is dat eens even fijn, want het enige waar je zeker weten invloed op hebt in dit leven ben jijzelf. 

 

Natuurlijk zal je slechter presteren als je slecht slaapt en slecht eet, maar je kan zorgen dat je eerder naar bed gaat en beter eet. 

 

En dan heb je nog al die gevoelens, angst en pijntjes. “Pfff, heel erg storend als je moeilijke dingen probeert te doen.” 

 

200 kilo squatten is al moeilijk genoeg en dan voel je ook nog allemaal dingen, wat moet je daar nou mee. Moet je altijd maar naar je gevoelens luisteren? Maar ja, soms sluiten je gevoelens niet aan bij de realiteit. En als je je altijd laat remmen door angst, stagneer je.

 

Het beste advies wat ik heb gehoord is: controleer wat je kan, laat gaat wat niet. Ik kan er voor zorgen dat ik goed uitgerust een trainingssessie in ga. Ook kan ik bepalen welk verhaal ik vertel aan mijzelf. Als ik mezelf maar een slappe sloeber vind zal ik met weinig overtuiging onder de stang stappen. 

 

Nee! Ik ben sterk, ik ben capabel en ik ga dit doen! En wat ik nog niet kan, kan ik leren.